Wandeling bij Vyssi Brod.

0

Posted by Redactie | Posted in Activiteiten | Posted on 28-11-2011

Schlagwörter:

“Chtel bych dwa zpátečni listek do Vyssi Brod Klaster prosim”. Diep gebukt, mijn hoofd ter hoogte van het benepen luikje, heb ik genoeg Tsjechisch in huis om de retourtjes te bestellen. Voor 58 kronen, ca 2 euro, met 2 personen 15 km heen en terug. Het treintje, een oude dubbeldekker ooit afgedankt in West Europa, staat al uren te wachten. Locomotief en wagon hoeven nog maar een keer of 7 per dag heen en weer.

We zoeken een plekje boven, doorgezakte oude banken, het skai hier en daar gerepareerd met fraaie dekensteken. De rit is de moeite waard, door bos, langs de prachtige rivier de Vltava, hobbelend over onbewaakte overgangen en stoppend bij elk gehucht dat voldoende ruimte heeft vrij gemaakt om een perron te suggereren.

We stappen uit. Vyssi Brod Klaster blijkt een echt station. Een perron, een schaduwrijk gebouw in de gele kleur van alle stations. Boomstammen naast de rails en op de wagons. Klaar voor transport naar zagerijen: timmerhout of grof gekloofd en benut om de Tsjechische winters mee door te komen.

De brug tegenover het station voert ons over de snelstromende Vltava. De rivier is nu leeg. Zomers zie je hier luidruchtige jongelui in kleurige zwembroeken en bikini’s. Ze sjouwen zuurkoolvaten met bagage, tenten, muziekinstrumenten en kratten bier aan boord van hard opgepompte rafts. De vakantie tegemoet, weinig slaap, veel drank en gezang, veel zon. Een week lang de rivier af die na een paar maal van naam te veranderen, als Elbe in de Noordzee uitmondt.

Wij lopen recht op het statige witte klooster van Vyssi Brod af. Het begin en het eindpunt van onze wandeling.

Kop of munt gooien is niet nodig. We kiezen voor een start door het dorp, linksom wandelen we omhoog richting het centrale plein “Náměstí” dat elk dorpje of stadje heeft. Een pleintje, een parkeerterrein, een kerkje, mooie karakteristieke pandjes vooral bevolkt door Vietnamese textiel verkopers.

Nederlandse en Oostenrijkse toeristen op zoek naar wel erg goedkope Adidas T-shirts of Nike schoenen. Rechtsaf, we blijven stijgen tot voorbij de kerk, tot op de hoogte van een kleine Spar supermarkt. Onze rugzakjes zijn goed gevuld. In de thermoskan zit koffie. We hoeven de Spar dus niet met een bezoek te vereren, doch gaan gelijk naast de “Cukrárna” (banket bakkerij) rechtsaf verder omhoog een smalle straat in. Onze route is hier groen. We negeren zijweggetjes, laten onze Spaanse waterhond Yon, toeblaffen door de honden achter de tuinhekken van de huizen aan de rand van Vyssi Brod. Kleine bocht naar rechts daarna rechtdoor, sterk klimmend over een pad dat nu keihard is, maar duidelijk ook heel drassig kan zijn. We hebben geen idee hoeveel procent we stijgen, maar onze kuiten registreren een snel toenemend hoogte verschil.

Rechts passeren we de eerste afbeelding van een kruiswegstatie. Twaalf prenten die het verhaal vertellen van de lijdensweg van Jezus. De kruiswegstatie is recent gerestaureerd. Het steen is schoon en de in gietijzer gegoten afbeeldingen zijn zilverkleurig geschilderd met hier en daar een goudkleurig accent.

Bij de derde beeltenis draaien we ons om. Verbluft zien we hoe hoog we al geklommen zijn, een prachtig vergezicht lokt, enorme stukken grasland, zware naaldbossen, buizerds klimmend op de thermiek. Het Oostenrijkse deel van het Sumava gebergte zien we rechts van ons. Erg mooi, maar we moeten verder. Al stijgend naderen we nu het bos, het pad wordt smaller en begint te slingeren, het lijdensverhaal markeert nog altijd onze weg. Als Maria Magdalena zich over Jezus ontfermt verdwijnen wij tussen de immens hoge naaldbomen.

Na een stevige klimpartij en nog een paar bochten komen we bij ruines van kapelletjes en een trap die steil omhoog naar het Maria kerkje leidt. Dat gerestaureerde kerkje kent een paar gebouwtjes. Een ervan heeft groot raam dat aan het sprookjes bos in de Efteling doet denken: Jezus ligt er achter opgebaard. Voor de kerk staat in de openlucht een gemetselde preekstoel. Met weinig fantasie beleef ik een hagenpreek. Een priester die hoog in het bos, buiten het zicht van de communisten, op de kansel voor zijn parochie preekt.

Picknickbanken wachten, tijd voor koffie en brood want de kerk ter ere van Maria ligt op het hoogste punt van onze tocht.

We maken foto’s terwijl Yon druk op zoek is naar sporen van de toeristen die hier komen.

Als we de dop weer op de thermoskan hebben geschroefd, slaan we achter het kerkje rechtsaf een uitgesleten bospaadje in dat naar een lager gelegen asfaltweggetje voert. Linksaf moeten we nog een paar honderd meter asfalt accepteren, de rest van de tocht zal vooral over ruigere paden gaan. Door de bomen zien we een andere, lager gelegen weg en steken door naar beneden. De nieuwe weg gaan we niet op. Op de bomen zien we een rijke kleurschakering aan markeringen, het begin ook van de gele route die helemaal langs een ruig stromende beek voert.

Eerst horen we de beek alleen, dan krijgen we haar ook snel in het oog. De “Menší Vltavice”, een prachtige woeste stroom die soms door brede plassen klettert om zich dan weer onder enorme stenen door te wurmen. De gele markering wijst ons een pad dat strak langs het water loopt. Een grof pad goeddeels bestaande uit de wortels van de bomen. De enorme sneeuwval van 2 januari en de storm van 1 november 2006 hebben duizenden bomen geveld. De Tsjechische overheid is aan opruimen in dit stuk bos duidelijk nog niet toegekomen. Regelmatig gooien we onze creativiteit in de strijd en zoeken onze weg onder en over omgevallen dennen en populieren. De bomen, de bruisende beek, de telkens terugkerende watervallen maken de tocht tot een waar avontuur. De camera komt nauwelijks aan rust toe. We genieten en onze waterhond doet zijn raskenmerken eer aan, de temperatuur van het water negerend.

De tocht langs het stromende water lijkt eindeloos.

Geen diep ravijn en een vervaarlijk slingerende touwbrug, maar een degelijke houten brug brengt ons naar de overkant en weg van de beek. De ophol geslagen fantasie stokt.

Het pad krijgt nu meer een gecultiveerd karakter.

Sinds de stichting van het klooster rond 1260 n.Chr hebben monniken vanaf deze plek, de beek afgetakt en deel van de stroom gekanaliseerd. Helder water geleid door mensen handen, door bakken en langs een sluisje, mogelijk bedoelt voor irrigatie, drinkwater of de productie van bier. Het kanaaltje is een spannende variatie in de overweldigende natuur. Nog altijd wijzen de kruinen van naald en loofbomen tot in de hemel. Stenen meer als mans hoog dwingen respect af terwijl we ze passeren. In de oever van de teruggekeerde beek, liggen de restanten van zuurkoolvaten ooit door monniken uit massief steen gehakt. Hoeveel eeuwen zal zich hierin het fermentatie proces hebben afgespeeld voordat de afgedankte stenen eerst als varkensvoertrog en tenslotte als oeverbescherming dienst mochten gaan doen?

Onze route is nog immer erg duidelijk gemarkeerd en goed te volgen, als we de buitenzijde van Vyssi Brod aan de andere kant van de beek, tegen de helling van een heuvel zien liggen. Na een bocht komt ook het klooster in zicht.

De achterzijde van het kloostercomplex is nog steeds van de Tsjechische overheid, communisten verzetten zich en niet alle rechtmatige eigendommen zijn in 1998 terug gegeven aan de Kerk. Een deel van de oude gebouwen is in gebruik als manege, de bierbrouwerij met zijn prachtige hoge schoorsteen is vervallen. Bovenop de schoorsteen heeft de familie ooievaar haar nest gevlochten. Muren brokkelen af, planten en zelfs boompjes groeien in de dakgoten. De gebouwen aan de voorzijde zijn wel terug gegeven door de staat en blijken te zijn gerestaureerd.

“God is geduldig en oneindigheid kent geen tijd”, de kloosterlingen zijn er van overtuigd dat ze ooit weer het hele complex zullen bezitten. En wie weet betekent dit dat alles tot de oorspronkelijke staat wordt teruggebracht.

We lopen om het enorme terrein, langs lange witte klooster muren.

Beneden ons komt de Vltava weer in zicht, pension “Inge”, de plek waar ’s zomers de hele dag door jongeren aangevuld met toeristen de rivier op gaan.

De voorjaarszon weerkaatst op de witte muren, de merrie in de weide voor het klooster heeft een veulen.

Wij zijn anderhalf uur onderweg geweest en hebben een bescheiden 10 kilometer in de benen. Ondanks de 235 meter hoogte verschil tussen het Klooster en het Maria Kerkje is de tocht prima te doen, ook met kinderen.

Wij lijnen de hond aan en lopen terug naar het station.

Voor meer informatie over de onbeperkte wandelmogelijkheden in het Sumava zie: www.gasthuis-kaliste.nl

Write a comment